aan de Slag
de kracht van Simpel

Een T-TRAK module is in de kern niet meer dan een houten bakje van ongeveer 30 x 30 centimeter: vier plankjes en een deksel. Meestal wordt de deksel omhoog gebruikt, soms ook met de holle kant boven, gevuld met foam. Dan wordt de 'deksel' de bodem.
Modules zijn dan ook eenvoudig zelf te maken, bijvoorbeeld van populieren multiplex. Veel mensen gebruiken nog een zesde plankje voor een achtergrond. Dat maakt het geheel mooi af.
De hoeken zijn met blokjes aan elkaar zetten voor de stevigheid. Die kunnen dan ook meteen gebruikt worden voor de pootjes met inslagmoer (zie de Basics). De pootjes zijn bedoeld om tijdens exposities en andere gelegenheden kleine hoogteverschillen te kunnen compenseren, zeker als de module in 'omgekeerde vorm' is gebouwd (met de bodem naar beneden). Voor thuisgebruik is het niet noodzakelijk.
(afbeelding uit de T-TRAK flyer van GermaNTRAK, 180 graden gedraaid.)
gebruik van Kits
het kan nog gemakkelijker

Omdat de modules klein zijn, lenen ze zich er ook uitstekend voor, om uit gelaserd materiaal te worden samengesteld. Zowel in Nederland als in het buitenland zijn deze te koop. Ze laten zich met een beetje houtlijm in elkaar zetten en bevatten meestal alles wat je nodig hebt (ook de pootjes). Zo kan het nog gemakkelijker, en, exact passend.
(afbeelding: schets van een module van de Modelbouwloods)
de Rails
het gemak van UNITRACK

De rails komen altijd van KATO. Dat zijn zogenaamde UNITRACK® rails. Het enorme voordeel is dat ze eenvoudig en stevig eindeloos in- en uit elkaar geklikt kunnen worden. Die verbinding is uniek en heet Unijoiner (zie afbeelding). Dat is dus iedeaal voor modules die telkens weer gecombineerd en uit elkaar gehaald worden.
KATO levert zowel enkelspoor als dubbelspoor. Deze laatste elementen (bijvoorbeeld artikel 20-042 zijn ook perfect te gebruiken als afstandhouders bij de bouw, om zo iedere module met exact 33 mm railafstand (hart/hart) te kunnen maken. De rails kunnen geschroefd en/of gelijmd worden, ook met extra ballast.
Het voorste/buitenste spoor noemen we voortaan het rode spoor, het achterste/binnenste voortaan het gele spoor.
(afbeelding: screenshot uit KATO UNITRACK catalogus)
de Stroom
onthou: Blauw-Wit-Wit-Blauw

Ieder spoor krijgt zijn eigen stroomkring. KATO gebruikt voor de aansluiting blauwe en witte draden. Om aansluiten gemakkelijk te houden zijn er aansluitrails en losse aansluitsnoeren beschikbaar. Omdat in tegengestelde richting gereden wordt en er geen kortsluiting mag ontstaan, is de afspraak: aansluiten met
Blauw-Wit-Wit-Blauw
Niet iedere module heeft een aansluiting nodig, maar aangeraden wordt om vanaf een dubbele module een aansluiting te voorzien. Gereden kan er zowel analoog (bijvoorbeeld met de transformatoren van KATO), als digitaal.
(afbeelding: screenshot uit KATO UNITRACK catalogus)
de Opbouw
Kleur bekennen

En nu is het aan iedereen zelf: fantasie of een concreet voorbeeld, simpel of ingewikkeld, vakantiemoment of om de hoek, een haven, bergen of woestijn: alles kan en alles mag. Het is ook een perfecte manier (nieuwe) technieken of materialen uit te proberen, die interessante modeldoos te bouwen of een passende plek te creëren voor dat gebouwtje dat op een beurs op de kop getikt is. Het is ook leuk een naam te bedenken voor de module, dat geeft een beetje een thema aan de scene die je bouwt.
Zolang jij het goed vindt is het goed. Hou je alleen aan de afspraken van de Basics, als je met anderen wilt koppelen. Er zijn op het internet/YouTube tal van T-TRAK modules en banen te vinden. Sommige modules zijn totaal uniek, anderen passen weer samen in een groter thema.
In het laatste geval is het verstandig om over kleur na te denken. Zwarte of donkere moduleranden zijn het meest neutraal en laten de opbouw beter tot hun recht komen. Als achtergrondkleur (de lucht) is RAL 5024 Pastelblauw (realistisch), RAL 7035 Lichtgrijs (voor meer diepte) of RAL 5012 Lichtblauw (voor een lucht op een zomerdag) aan te raden, maar zeker niet verplicht.
(foto: module uit Model Railroader, Juni 2016)
de Baan
No legs, No wires,
Just sit them on the table!

Dit citaat, kennelijk uit Australië (uit de T-TRAK flyer van GermaNTRAK), is precies wat het zegt. Samen een grotere baan maken door de modules op tafels te plaatsen en aan elkaar te klikken. Met een beetje samenspraak en planning kun je zo de mooiste banen maken en rijden met lange treinen. Zo krijgen ook de locomotieven en treinstellen die je bezit hebt, maar niet echt bij elkaar passen (vanwege tijdperk of land) toch de gelegenheid te rijden. Daarbij kunnen modules die naast elkaar gepland zijn (bijvoorbeeld door een individuele bouwer of modelspoor club) wel bij elkaar opgebouwd worden. Dat kan dan bijvoorbeeld in een schema met een kleur (zie afbeelding).
En dan: rijden maar! Vergeet ook vooral niet met het publiek te praten, want juist bij deze gelegenheden kunnen we kennis maken met (aspirant) modelbouwers. Hoe meer, hoe beter!
(afbeelding: voorbeeld van een opstelling, bron Spaanse T-TRAK website )